Het Valkerij en Sigarenmakerij Museum

 
        
     
   Valkerij en Sigarenmakerij        Museum
                 | Museumbezoek | Bereikbaarheid |
Welkom     W
 Historie museum Hm
 Valkerij
  Sigarenmakerij
 Nieuws N
Lesbrieven Lb
  Vriend/Sponsors V/S
Ambassadeur A
Museumwinkel Mw
Links L
 Contact C
 

       

 

 

 

Sigarenmakerij Museum

De sigarenindustrie domineerde Valkenswaard gedurende meer dan een eeuw. De eerste sigaren werden in 1865, achter zijn huis op het marktplein, gemaakt door Jan van Best, op dat moment de rijkste inwoner van Valkenswaard. De fabriek was bedoeld voor zijn drie zonen, vandaar de naam Gebroeders Van Best. Het is onbekend waarom van Best met sigarenmakerij begon, hoewel zijn kleinzoon veronderstelde dat de ontwikkelingen in Eindhoven waarschijnlijk als voorbeeld hebben gediend. Immers, Valkenswaard was zeker niet de eerste gemeente waar sigaren werden gemaakt. Voor zover bekend stond de eerste sigarenfabriek in Delft waar de firma Hillen reeds in 1770 sigaren maakte en in 's Hertogenbosch, de hoofdstad van Noord-Brabant, werden rond 1840 sigaren geproduceerd. In Eindhoven, dat al een traditie op het gebied van tabak had, begon P. Hoefnagels in 1845 met de productie van sigaren.

De Gebroeders Van Best begonnen met drie medewerkers: een sigarenmaker, die het vak in Antwerpen leerde, en twee leerlingen. Gedurende lange tijd was Van Best de enige producent van sigaren in Valkenswaard. Pas tegen 1880 volgden enkele ondernemende mannen het voorbeeld, maar hun fabrieken bestonden slechts kort en waren van geringe omvang. De fabriek van Van Best floreerde, met in 1880 al meer dan 130 werknemers en een filiaal in Leende. Rond 1890 behoorde de fabriek van Van Best tot de honderd grootste bedrijven van Nederland.

Echte concurrentie kwam er na 1882 toen de in Luijksgestel geboren Peter Hoekx, samen met zijn zwager Johannes Maas, een sigarenfabriek startte achter zijn woonhuis aan de kleine markt. Rond 1920 streefde dit bedrijf dat van Van Best voorbij en werd het de grootste sigarenfabriek van Valkenswaard. In hun kielzog probeerden een heleboel kleine fabrikanten hun geluk in de sigarenindustrie, maar de meeste fabrieken bleven klein van omvang en boden veelal slechts aan enkele personen werkgelegenheid.

Alles bij elkaar telde Valkenswaard in 1890 vijftien fabrieken en bedrijfjes, een aantal dat in 1920 was opgelopen tot 42, die aan ongeveer 1100 werknemers een inkomen verschaften. In de eerste helft van de twintigste eeuw was ongeveer de helft van de mannelijke beroepsbevolking van Valkenswaard werkzaam in de lokale sigarenindustrie. Er ontstond een tamelijk geïsoleerde gemeenschap omdat in die tijd nauwelijks iemand buiten de eigen gemeente werkte. Dit isolement werd pas na de Tweede Wereldoorlog doorbroken.

Rond 1920 veranderde het tij voor de sigarenindustrie. De invoering van tabaksaccijns en de afsluiting van de eerste cao resulteerden in een verhoging van de kostprijs. Omdat tegelijkertijd de vraag naar goedkope sigaren steeg, begon rond 1930 een proces van mechanisatie en schaalvergroting. In het Valkenswaard van de jaren twintig en dertig van de twintigste eeuw werden twee fabrieken dominant: Hofnar en Willem II, eigendom van de families Wolters en Kersten. Vlak voor de Tweede Wereldoorlog bezat Valkenswaard 26 fabrieken, die werkgelegenheid boden aan 3700 mensen in Valkenswaard en in filialen in de omgeving. Bijna 3.000 van deze werknemers waren te werk gesteld bij de twee eerder genoemde grootste fabrieken.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwam de productie van sigaren geleidelijk aan tot stilstand en na de oorlog konden vanwege een tekort aan tabak niet alle fabrieken weer opnieuw opstarten. In de jaren vijftig werd het mechanisatieproces hervat en dit leidde tot een kaalslag in de tabaksnijverheid. De een na de andere fabriek hield op te bestaan, zo ook de eerste fabriek van Valkenswaard, die van Van Best, die in 1956 zijn deuren definitief sloot. Alleen Hofnar en Willem II bleven over en werden de absolute alleenheersers van de sigarenindustrie in Valkenswaard en gingen ook op nationaal vlak een belangrijke rol spelen. Pas aan het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw kwam de groei tot stilstand en zette een daling in. Het verdwijnen van prijsafspraken, de explosieve stijging van de loonkosten, de verandering van de smaakvoorkeur en de toenemende anti-rook lobby waren hieraan debet. Hofnar ging in 1990 failliet en Willem II werd uiteindelijk overgenomen door Swedish Match. Dit concern is nog steeds in Valkenswaard gevestigd, maar de laatste in Valkenswaard geproduceerde sigaar werd in 2003 gemaakt.

Wat heeft de sigarenindustrie voor Valkenswaard betekend? Dankzij deze industrietak steeg de bevolking explosief. Tussen 1880 en 1920 is de bevolking verviervoudigd en was Valkenswaard een van de snelst groeiende gemeenten in de provincie Noord-Brabant. De aanwezigheid van al deze werkgelegenheid lokte mensen van elders die op zoek waren naar werk. Veel jonge mensen kwamen naar Valkenswaard met als gevolg een verlaging van de huwelijksleeftijd, en daardoor een grote toename van het aantal geboorten. 

Gedurende lange tijd was de sigarenmakerij een "jong" beroep. In 1880 was de gemiddelde leeftijd van een Valkenswaardse sigarenmaker 21 jaar, terwijl de Valkenswaardse landbouwer gemiddeld 47 jaar oud was. Maar het inkomen van de sigarenmakers was tot aan de Eerste Wereldoorlog vrij laag; driekwart van hen verdiende te weinig om boven de armoedegrens uit te komen. Daarna werd het beter en verkreeg Valkenswaard "een bescheiden welvaart, gedeeld door allen", zoals een extern onderzoeksbureau in de jaren vijftig van de vorige eeuw stelde. De eigenaren van grotere fabrieken maakten meestal behoorlijke winsten op de productie van sigaren, hoewel ze ook magere jaren hadden. Zo schrijft Frans van Best in zijn memoires dat de Gebroeders Van Best tussen 1930 en 1940 continu verlies maakte.

Helaas zijn er in Valkenswaard maar relatief weinig opvallende gebouwen uit de sigarenindustrie meer te zien. Natuurlijk hebben we het Willem II - Plein en het Hofnar theater, maar de gebouwen, de machines en de mensen zijn verdwenen. De zo kenmerkende geur in de Bakkerstraat, die de oudere inwoners zich nog herinneren, is verdwenen. Gelukkig is er nog een grote verzameling van ambachtelijke werktuigen, machines, foto’s, verpakkingen en een sigarenwinkeltje bewaard gebleven. De geschiedenis van wat ooit een belangrijke industrie voor Valkenswaard was, is prachtig tentoongesteld in het Sigarenmakerij Museum.